Bevindelijk gereformeerden: van ’t heilspoor afgegaan…

Hoe langer ik er over nadenk, hoe verbaasder ik word. Wat moet de Heere God nog meer doen wat Hij niet gedaan heeft om de ‘bevindelijk gereformeerden’ – in wier bedding de CSFR en de RRQR ontstaan zijn – uit de duisternis tot Zijn licht te leiden?

Hij heeft Zijn Zoon gegeven, Hij heeft Zijn Schriften gegeven, Hij heeft ons de Reformatie gegeven, Hij heeft ons de Nadere Reformatie gegeven. Ondanks deze geweldige goud- en zilvermijnen blijft een deel van de gereformeerde gezindte hangen in geesteloosheid en dode orthodoxie.

Het grijpt me bij tijd en wijle naar de keel dat tot overdrevenheid aan toe overal het tekenen van de drie formu­lieren bijgehaald wordt, maar de inhoud van die formulieren in duisternis onder dikke lagen van stof gehouden wordt.

Neem nu de Dordtse Leerregels: een schitterend geschrift waarin klip en klaar wordt uitge­legd dat God uit Zijn grote goedertierenheid verkondigers van Zijn ‘zeer blijde boodschap’ zendt tot wie Hij wil en wanneer Hij wil en dat de toehoorder vervolgens deze boodschap moet aannemen en geloven. Zo helder als Dordt dit leert, wordt het in het aangeduide smal­deel niet geleerd. Sterker nog: als iemand dit letterlijk na spreekt kan hij in groot aantal kerken en gemeenten veel problemen krijgen.

Neem nu de catechismus die schoolkinderen leert te getuigen, dat het feit dat zij het eigendom van Jezus Christus zijn, hun enige troost in leven en sterven is. Naar het inzien van de opstellers ervan dienen kinderen dus met de troostboodschap dat zij bij het heil horen, opgevoed te worden en niet slechts met de gedachte dat zij het heil zouden kunnen gaan krijgen.

 

Naast de drie formulieren van enigheid zijn er nog meer rijke geschriften.

Neem nu het doopformulier waarin nadrukkelijk uitgelegd wordt de Heilige Doop ‘de afwassing der zonden door Jezus Christus’ ’betuigt en verzegelt’.

Neem nou de schitterende ‘Ziekentroost’ die het heil van Christus op een presenteerblaadje ter aanname aanbiedt.

 

Op de één of andere manier is er een – voor mystiek aangelegde mensen zeer geschikte – andere wijze van geloven boven komen drijven: niet meer het eenvoudige zich tot Jezus wenden om heil en vergeving te krijgen en uit de bronnen van genade putten, maar na een krachtdadige bekering zich tot Gods volk mo­gen rekenen. En mensen – totdat zij dit moment helder kunnen aanwijzen in hun eigen leven – opzadelen met angst en de door Jezus opengeslagen deur tot Zijn heil hoogstens op een kiertje opendoen.

 

Waar Abraham Kuyper en zijn volgelingen vanuit verbondsoptimisme in fnuikend verbondsautomatisme geschoten zijn, zijn de bevindelijk gereformeerden in kramp aan de andere kant van het geestelijk spectrum het spoor bijster geraakt.

 

De bevindelijk gereformeerden zijn “van het heilspoor afgegaan”. Ze doen me denken aan het volk Israël waarover God klaagt: “Want Mijn volk heeft twee boosheden gedaan: Mij, de Springader des levenden waters, hebben zij verlaten, om zichzelven bakken uit te houwen, gebroken bakken, die geen water houden.”

 

De remedie: zonder de zware last van het orthodox-gereformeerde smaldeel de Bijbel, de drie formulieren en alle overige geschriften gaan lezen. Ze leren allemaal dat de Heere God klaar staat om verloren zondaren die zich tot Hem om genade wenden, Zijn heil en gerechtigheid aan te bieden. En wie het aanneemt, die krijgt het en Hem door Zijn Geest!

Mijn oproep: terug, terug naar het heilspoor van onze vaderen. Ad Fontes/naar de Bron: fundamenteel in plaats van bevindelijk gereformeerd geloven!

 

Cor Verkade, Gouda

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *